JEANNE WESSELIUS,
EEN BIJZONDERE BUURTGENOTE
Met haar gedicht 'Rosa Serafini' won Jeanne Wesselius
(1931), beeldend kunstenares en dichteres, de 'Plantage Poëzieprijs' van 2002. Een
boeiend portret van een bijzondere buurtgenote ... :
Het thema van de 'Plantage Poëzieprijs' was dit jaar: 'De
Hortus'. Voor Jeanne Wesselius de tuin, waar zij met arendsogen het wel en wee van wat
daar groeit en bloeit observeert. Voor Jeanne een levend schouwspel, waarin elke plant een
voorname rol vervult, als een waarachtig personage met een vanzelfsprekende eigenheid, die
zij prachtig beeldend weet te beschrijven
Zestig jaar geleden schreef een krant een poëziewedstrijd
uit, waar Jeanne (toen tien jaar oud) aan mee deed, èn won met het gedicht 'De
poppenwasdag'! De prijs was een forse zwarte vulpen, waar haar kleine handjes nauwelijks
raad mee wisten, dus onbruikbaar. Haar vader zorgde voor een veilige plek in zijn
persoonlijke la, maar toen broerlief slaagde voor zijn eindexamen, was het cadeau voor
haar bolleboos royaal voorhanden. Na dit eerste succes verflauwde Jeanne's aandacht voor
de dichtkunst en klom zij alleen nog maar voor Sinterklaas in de pen.
'Rooie Vrouwen'
De geboorte van haar tweede kind, een dochter, ervoer zij
persoonlijk als de tweede geboorte van zichzelf. Want toen pas ontstond de onbedwingbare
behoefte om te gaan dichten èn schilderen. Niet voor één gat te vangen, dus. De vreugde
om die geboorte was zó groot, dat Jeanne haar eerste schreden op het pad der volwassen
poëzie in lofzangen op dat kleine kwetsbare wonder projecteerde.
Zij bruiste van energie en al gauw wilde zij het onderste
uit de kan halen met haar kwaliteiten. Jeanne sloot zich aan bij 'Amazone', een stichting
voor en door vrouwen, opgericht vanuit de 'Rooie Vrouwen' in de zeventiger jaren. Er was
een galerie- en een schrijfcursus, waarvoor Hannes Meinkema de proza voor haar rekening
nam en Elly de Waard de poëzie. Laatstgenoemde bleek voor het zich snel ontwikkelende
talent van Jeanne een waardevolle coach.
Vanuit die groep vormde zich later 'De nieuwe wilden in de
poëzie'. Het oefenen werd toen al snel uitgeven en publiceren.
Onder leiding van Diet Verschoor maakt Jeanne al weer jaren
deel uit van een werkgroep schrijven.
Zakboekjes
Bij uitgeverij Vleermuis te Roermond wordt elk jaar een
poëzieprijs uitgeloofd voor het beste gedicht, dat tezamen met een keuze uit alle
inzendingen in een verzamelbundel wordt uitgegeven: de 'Pipistrellus (= vleermuis)-prijs'.
In 2000 viel de eer te beurt aan Jeanne, met als prijs een schilderij èn een
tentoonstelling van haar schilderijen. Sindsdien is geen poëziewedstrijd meer veilig voor
eventuele rivalen van Jeanne! En met succes!
Inspiratie voor beide uitingsvormen doet Jeanne op in het
leven van alledag door ogen en oren wagenwijd en waakzaam open te houden. Zij houdt dit
alles minutieus bij in zakboekjes die zij altijd bij zich draagt. Voor het schilderen gaat
haar voorkeur uit naar muzikanten, die zij tijdens concerten selecteert en schetst om
later uit te werken, en vogels waarvoor zij een ruime keuze in Artis vindt. Die
voorbeelden heeft Jeanne nodig om haar impressie uit te beelden. Voor haar gedichten is de
natuur een onuitputtelijke bron van inspiratie.
Buffelen
Mijn prangende vraag was: Hoe komt een gedicht tot stand?
In opdracht van Diet Verschoor is zij momenteel met een
gedicht over handen bezig. Zij beschreef een lange, moeizame bevalling. Het is schrappen
en herschrijven, en dat 'tig' malen. Dit benam mij meteen de moed om het ook eens te gaan
proberen! Je schudt het dus niet zomaar eventjes uit de mouw. Buffelen is het. Maar het
resultaat is dan ook blijde verwondering en innig genieten, omdat met zó weinig woorden,
zó oneindig veel wordt gezegd. Vandaar dat dichtbundels altijd zo dun zijn!
|